De keuze

Weer naar de sportschool gaan, bleek niet eens het probleem. Ik schreef me in, kreeg een pasje en kon aan de slag. Na een pauze van een paar jaar bleken de apparaten hetzelfde te werken als altijd. Toch diende zich een probleem aan.

In mijn nieuwe sportschool zijn twee etages. Beneden, daar is het gezellig wat ook komt doordat iedereen gemakkelijk in het leven staat. Er is een man op leeftijd met een kniebroek die héél strak zit, waardoor ik nieuw beeld kreeg bij het woord kameelteen. Er is een vrouw die openhartig vertelt hoe haar moeder kanker kreeg en ze vertelt over de chemo en hoe ze het zelf ervaart. Ook is er iemand die snerpend vrolijke liedjes fluit, wat ik door de bonkende fitnessmuziek heen hoor. In deze benedenafdeling staan wat apparaten waarmee je je best kunt redden. Daar heb ik de eerste weken van mijn abonnement doorgebracht, ook vanwege de tweede etage.

Boven is het anders. Daar staat het zware spul. En er trainen vooral mannen, die de zaak serieus nemen. Laatst zag ik een man zichzelf optillen aan een hoge stang en zich in de lucht opkrullen. Langzaam. Daarna ging hij door met de halters. Er trainen brede mannen met tatoeages en een kaal hoofd. Ze kennen elkaar allemaal. Ik vind ze intimiderend. Zij doen schoudertraining met zestig, zeventig kilo en ik, na flink opwarmen, haal net de vijf kilo.

Dus door die twee verdiepingen begreep ik al snel dat ik moest kiezen. Bleef ik beneden, dan kon ik in de comfortzone blijven maar dan zou er niet zo veel veranderen qua realisatie van het toekomstbeeld waarin ik een beeldschoon getraind lichaam heb. Ging ik boven trainen, dan kwam ik als muis tussen de leeuwen en hoe zouden ze tegen mij doen? Ik moest kiezen voor gemakkelijk of moeilijk, voor stilstand of vooruitgang.

Mijn lieve moeder zei vroeger altijd: “Waar je mee omgaat, daar word je door besmet”, en dat bedoelde ze fatsoenlijk. De uitdrukking betekent dat je je moet omringen met voorbeelden, inspirerende mensen, die het gewoon vinden dat jij gaat worden zoals zij al zijn. Toen ik me dat herinnerde, was er geen ontkomen meer aan.

Afgelopen week sloop ik de bovenste etage op en zei onhoorbaar: “Hallo”. Wat bleek? Niemand had of heeft een probleem met mijn aanwezigheid. Simpel, ze zijn bezig met zichzelf. Morgen ga ik weer.

Vilan van de Loo

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.